Vanggewas op zand en löss: stil zitten is geen optie

23 november 2018, Brigitte Kroonen en Jacqueline Ulen, WUR Open Teelten, locatie Vredepeel

 

 

Vanaf volgend jaar moet op zand en löss het vanggewas bij snijmais vóór 1 oktober gezaaid zijn. Voor MKS, CCM, korrelmais en biologisch geteelde mais geldt 31 oktober als datum. Het alternatief is onderzaaien of een hoofdteelt graan. Dit volgt uit het zesde actieprogramma Nitraatrichtlijn.

Het direct na de maisoogst inzaaien van een groenbemester was al verplicht (vanggewas). Dit systeem kennen we en wordt nazaaien genoemd. Er kan ook gekozen worden voor gelijkzaaien of onderzaaien. Bij gelijkzaaien wordt het vanggewas gezaaid rondom het zaaimoment van de mais. Bij onderzaaien wordt het vanggewas gezaaid tijdens de teelt totdat de mais kniehoog is.

Wat als we niks doen?

Stel je voor dat iedereen ervoor kiest om na de maisoogst het vanggewas te zaaien en de rassenkeuze niet aanpast. Maar ook dat de loonwerker zijn oogstcapaciteit en oogstspreiding niet aanpast. Wat gebeurt er dan? Deze vraag diepte we uit in het kader van Grondig Boeren met Mais Brabant, Limburg en Drenthe. De gegevens werden gisteren en eergisteren gepresenteerd in Marwijksoord (75 bezoekers) en Vredepeel (150 bezoekers) op de Grondig Boeren bijeenkomsten. In een jaar zoals deze zou niets aan de hand geweest zijn. In heel Nederland werd namelijk alle snijmais vóór 1 oktober geoogst. Met 2018 in gedachte kan men de jaren ervoor nog wel eens vergeten zijn. Zo werd in 2017 in Zuid-Nederland 39% van de snijmais na 1 oktober geoogst, in 2016 46%, in 2015 maar liefst 97% en in 2014 73%. Midden Nederland volgt deze lijn. In Noord Nederland zijn deze cijfers nog extremer. Wanneer we deze cijfers niet alleen gemiddeld op provinciaal niveau bekijken, maar ook op lokaal niveau, dan zien we uitschieters. Zo oogstte loonwerker Ploegmakers groep (De Rips, Zuid-Oost Brabant) in 2016 89% van de mais ná 1 oktober terwijl dit op provinciaal niveau ‘maar’ 46% was. Dit roept de vraag op hoeveel procent van de mais nu eigenlijk geteeld kan worden in combinatie met nazaai. Moet er uitgegaan worden van gemiddeldes of van een worst case scenario zoals in Zuid Oost Brabant 2016? Stil zitten is in ieder geval géén optie. Wie voor nazaaien kiest zal in ieder geval voor vroegere rassen moeten kiezen. Hierbij mag in Zuid en Midden Nederland ook gedacht worden aan vroege en zéér vroege rassen. Het mag duidelijk zijn dat de loonwerker niet alle mais in de laatste week van september kan oogsten, de weersomstandigheden rondom de oogst nog daargelaten.

Grondig Boeren met Mais Brabant en Grondig Boeren met Mais Limburg wordt mogelijk gemaakt door Europees Landbouwfonds voor Plattelandsontwikkeling: Europa investeert in zijn platteland.

Gebaseerd op het aantal kuilmonsters gestoken door Eurofins en de opgegeven oogstdatum door de teler. In 2018 werd 30% van de snijmais geoogst in augustus en 70% in september. Bron: Eurofins, bewerkt door WUR Open Teelten

 

Gebaseerd op het aantal kuilmonsters gestoken door Eurofins en de opgegeven oogstdatum door de teler. Bron: Eurofins, bewerkt door WUR Open Teelten

Groningen en Drenthe: is nazaaien een optie?

Vooral in Noord Nederland is het de vraag of nazaaien nog een optie blijft. Telers zullen in dat geval moeten kiezen voor zeer vroege of ultra vroege rassen.

De vroegheid van het ras bepaalt het aantal groeidagen van de mais. Let wel: vroeg zaaien is géén garantie, het weer bepaalt uiteindelijk het optimale oogstmoment. UUV=ultra ultra vroeg, UV=ultra vroeg, ZV=zeer vroeg, V=vroeg, MV=midden vroeg, ML=midden laat. Bron: onderzoeker Jos Groten, WUR Open Teelten, locatie Lelystad.

 

Areaal snijmais wat in een bepaalde week (weeknummer) gezaaid of geoogst is voor de jaren 2016, 2017 en 2018 (procentueel uitgedrukt). Bron: Ploegmakers Groep

 

Wat de gegevens van loonwerker Ploegmakers ook lieten zien is dat vroeg zaaien geen garantie is voor een vroege oogst. De zaaitijdstippen waren in 2016 en 2018 vergelijkbaar, de oogstperiode daarentegen niet. Daarnaast laten deze cijfers zien dat op lokaal niveau het percentage snijmais geoogst na 1 oktober hoger kan zijn dan wanneer er gekeken wordt naar gemiddeldes op provinciaal niveau. Loonwerker Ploegmakers presenteerde deze gegevens afgelopen woensdag op de Grondig Boeren met Mais-bijeenkomst Maisteelt 2019: Bent u er klaar voor? In Vredepeel

Gebaseerd op het aantal kuilmonsters door Eurofins en de opgegeven oogstdatum door de teler. De cijfers geven eenzelfde lijn weer voor Midden als voor Zuid Nederland. Bron: Eurofins, bewerkt door WUR Open Teelten

 

Gebaseerd op het aantal kuilmonsters door Eurofins en de opgegeven oogstdatum door de teler. Wanneer met niet kiest voor zeer vroege of ultra vroege rassen is nazaaien geen optie. Bron: Eurofins, bewerkt door WUR Open Teelten

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *